Wie zijn de eigenaars van de Brusselse Grote Markt?

Victor Hugo vond het een van de mooiste pleinen ter wereld. Jean Cocteau noemde het zelfs ‘het mooiste schouwspel ter wereld’. De Brusselse Grote Markt, herhaaldelijke getuige van zowel dramatische als feestelijke gebeurtenissen, werd in zijn bewogen geschiedenis weliswaar meermaals bijna van de kaart geveegd. Ontdek samen met ons het zéér selecte clubje eigenaars van deze mythische en prestigieuze plek.
Vroeger dienden de gevels als uithangborden van de rijke corporatiegilden. Tegenwoordig is enkel nog de Federatie van Belgische Brouwers gevestigd op de Grote Markt, maar ze is geen eigenaar van het gebouw. Dat is eigendom van de Stad Brussel, net zoals 10 van de 33 andere panden die het marktplein omzomen. Om er enkele te noemen: uiteraard het stadhuis in gotische stijl en het tegenoverliggende museum, dat de meer dan duizend kostuums van Manneken Pis herbergt. Maar ook het Maison du Cygne (De Zwaan), waar Karl Marx zijn verjaardag vierde en de Belgische Werkliedenpartij werd opgericht, en waar je vandaag heerlijk kunt tafelen in het iconische, gelijknamige restaurant.
En toen kwamen de familiale eigenaars die doorgaans van adellijke afkomst zijn: de Jamblinne de Meux, de Fooz, de Broqueville ... maar evengoed minder illustere namen zoals Jozef Van de Velde, een Vlaamse oogarts die in zijn eentje bijna een kwart van het plein bezit. Er zijn ook een aantal maatschappijen gevestigd, denken we aan zusterbanken KBC en CBC, en een paar immobedrijven, zoals vastgoedbevak Cofinimmo.
Om te midden van al dat goud en die gotische standbeelden te verblijven, moet je onvermijdelijk diep in de buidel tasten. Zo bedraagt de maandelijkse huurprijs voor een appartement van 200 m² in De Gulden Boot een slordige 3.500 euro. Je krijgt er dan wel het bevoorrechte uitzicht op een van de mooiste pleinen ter wereld bij.