Polyurethaan zit tegenwoordig zowat overal in. Onderzoekers van de Universiteit Leuven (KU Leuven) werken al jaren aan een manier om de alomtegenwoordige kunststof geschikt te maken voor een circulaire economie.
Het is logisch dat een kunststof die zoveel verschillende vormen kan aannemen - hard, zacht of buigzaam - zijn weg vindt naar een grote verscheidenheid aan markten. Dat is mooi, maar minder mooi is dat de belangrijkste bestanddelen ervan voornamelijk met fossiele brandstoffen worden geproduceerd en vrijwel onmogelijk op een goede manier kunnen worden gerecycleerd. En daar komen de bio-ingenieurs van de KU Leuven in beeld.
Om een lang, wetenschappelijk verhaal kort te maken: een team van onderzoekers onder leiding van prof. Dirk De Vos heeft een manier gevonden om polyurethaan af te breken tot de twee componenten die we hierboven hebben genoemd: polyolen en isocyanaten. Jawel, we hebben het over een chemisch recyclageproces waarbij de gevaarlijke stoffen die nodig zijn voor de productie van isocyanaten worden vermeden. Een echte doorbraak!
Zo ontstond Purtiso, een spin-off die dit nieuwe proces naar een hoger niveau zal tillen, het in de praktijk zal testen en opschalen. Zo kunnen bedrijven over de hele wereld en in allerlei markten deze Belgische uitvinding gebruiken om een circulaire polyurethaaneconomie in stand te houden.
We zijn benieuwd naar de praktische mogelijkheden van dit nieuw ontwikkelde proces.