Een opmerkelijke eigenschap van het vogelbekdier aan het licht gebracht
Onderzoekers van de Universiteit Gent hebben een nieuw, uniek kenmerk ontdekt bij deze emblematische vertegenwoordiger van de Australische fauna: het zou het enige bekende zoogdier zijn dat beschikt over holle pigmentstructuren.

Sinds zijn ontdekking in 1799 in de rivieren van Oost-Australië tart het vogelbekdier de wetenschap. Als een ware biologische chimera beschikt dit kleine dier over een eendenbek, een brede, platte staart die lijkt op die van een bever, het legt eieren zoals reptielen en produceert een gif dat vergelijkbaar is met dat van slangen. Het behoort tot een uiterst beperkte groep binnen het dierenrijk, aangezien het een van de zeer weinige zoogdieren is die eieren kunnen leggen.
Dankzij een team van Belgische onderzoekers is vandaag opnieuw een opmerkelijk kenmerk van het vogelbekdier aan het licht gekomen. Jessica Leigh Dobson, biologe aan de Universiteit Gent, heeft aangetoond dat het vogelbekdier het enige tot nu toe geïdentificeerde zoogdier is met holle pigmentstructuren, zogenoemde „melanosomen”. Deze eigenschap werd tot dusver als exclusief voor vogels beschouwd — zoals pauwen — bij wie ze verantwoordelijk is voor de productie van irisatie.
Hoewel de bolvormige structuur van hun melanosomen zou doen vermoeden dat het dier een rossige vacht heeft, vertoont het vogelbekdier een donkerbruine kleur. De aanwezigheid van holle melanosomen, die willekeurig verspreid zijn in de cortex van het haar, zou deze bijzondere kleuring verklaren.
Deze Belgische ontdekking versterkt aldus het statuut van het vogelbekdier als een van de meest unieke wezens op onze planeet.