België elfde in internationale rangschikking inzake de rechten van het kind
Volgens de Internationale Organisatie inzake de Rechten van het Kind staat België 11e wat betreft respect voor de rechten van het kind. Een mooie winst tegenover 2016, toen het nog op 17 stond. Dit jaar spant Portugal de kroon, gevolgd door Noorwegen en Zwitserland, die enkele plaatsen zijn opgeschoven.

Elk kind, hoe klein en weerloos ook, heeft recht op respect. Daarom werd in 1992 in België het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind van 20 november 1989 van kracht, om elk kind een waardig leven, recht op gezondheidszorg en onderwijs en bescherming tegen alle vormen van geweld en uitbuiting te garanderen.
Jaarlijks meet de Internationale Organisatie inzake de Rechten van het Kind wereldwijd het respect voor die normen en stelt een rangschikking op. Daaruit blijkt dat de geïndustrialiseerde landen, die nochtans het goede voorbeeld zouden moeten geven, zich onvoldoende inspannen. Landen als Thailand en Tunesië zijn er aanzienlijk op vooruitgegaan en zijn dit jaar de top 10 binnengekomen. Hoewel de armste landen zich wat op de vlakte houden, merken we dat Peru en Zuid-Afrika aanzienlijke vooruitgang hebben geboekt.